Citaat | Centrale Raad van Beroep 26 juni 2001

Alinea 79 Centrale Raad van Beroep 26 juni 2001

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 26 juni 2001, ECLI:NL:CRVB:2001:AB2324.

Uitgaande van de hierboven geschetste benadering ziet de Raad ook geen plaats voor het oordeel dat de op 1 juli 1998 in werking getreden regels in strijd zouden zijn met de voorschriften van gelijke behandeling naar nationaliteit van Besluit 3/80 en de Samenwerkingsovereenkomst, al aangenomen dat deze regelingen van toepassing zouden zijn op niet door middel van een verblijfstitel toegelaten Turkse, respectievelijk Marokkaanse onderdanen. Aan deze regelingen op zich kunnen deze onderdanen immers geen recht op verblijf ontlenen, en in de rechtspraak van het Hof van Justitie van de EG vindt de Raad geen aanknopingspunten voor het oordeel dat de in Nederland verblijvende Turk of Marokkaan die enkel om toelating heeft verzocht, reeds op die grond aanspraak op gelijke behandeling met Nederlanders zou kunnen maken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4b3a47dca5d22cd275d09b69f63fca1ec49de56db223e1419329b9b3e00d165f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4b3a47dca5d22cd275d09b69f63fca1ec49de56db223e1419329b9b3e00d165f, en de alinea staat in dat document op bytes 24944 tot 25777.