Citaat | Centrale Raad van Beroep 5 juni 2001
Alinea 37 Centrale Raad van Beroep 5 juni 2001
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 5 juni 2001, ECLI:NL:CRVB:2001:AB3231.
Voorts overweegt de Raad dat, ook als ervan moet worden uitgegaan dat appellant heeft gesolliciteerd naar voor hem geschikte functies, de omstandigheid dat hij die arbeid feitelijk niet heeft kunnen verkrijgen gelet op het bepaalde in artikel 5, zesde lid, van de AAW en artikel 18, zesde lid, van de WAO, bij de vaststelling van de mate van zijn arbeidsongeschiktheid buiten beschouwing dient te blijven. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt derhalve.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/09786b474251e8766633edfbe4f480e2fd3ed7b2ff2f54b1bdd9b97e4a0902c4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 09786b474251e8766633edfbe4f480e2fd3ed7b2ff2f54b1bdd9b97e4a0902c4, en de alinea staat in dat document op bytes 17828 tot 18301.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/09786b474251e8766633edfbe4f480e2fd3ed7b2ff2f54b1bdd9b97e4a0902c4 | shasum -a 256