Citaat | Centrale Raad van Beroep 26 juni 2001

Alinea 23 Centrale Raad van Beroep 26 juni 2001

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 26 juni 2001, ECLI:NL:CRVB:2001:AB3259.

In hoger beroep hebben partijen in essentie hun in eerste aanleg verwoorde standpunten gehandhaafd. Van de zijde van appellant is daaraan ter zitting nog toegevoegd dat het bezwaarschrift onvoldoende concreet was, terwijl de gemachtigde van gedaagde subsidiair onderscheidenlijk meer subsidiair nog heeft gesteld dat appellant het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat ingeval van een gebrekkige motivering van het bezwaar het op het bezwaar beslissend bestuurorgaan niet is gebonden aan het in het bezwaarschrift gestelde onderscheidenlijk omdat appellant geen gebruik heeft gemaakt van de in artikel 6:6 van de Awb vervatte discretionaire bevoegdheid.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f11b6be7e5a39a4f1bb30d5b33bbd81b2f2e9ad7a242a21f6c65656b5e8be313. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f11b6be7e5a39a4f1bb30d5b33bbd81b2f2e9ad7a242a21f6c65656b5e8be313, en de alinea staat in dat document op bytes 9163 tot 9852.