Citaat | Centrale Raad van Beroep 16 augustus 2001
Alinea 28 Centrale Raad van Beroep 16 augustus 2001
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 16 augustus 2001, ECLI:NL:CRVB:2001:AD5344.
3.4. Met gedaagde is de Raad van oordeel dat appellant door zijn contacten en optreden iedere mogelijke schijn van belangenverstrengeling met personen uit het criminele milieu en iedere schijn van een schending van de ambtelijke integriteit niet heeft weten te vermijden, zodat het noodzakelijke vertrouwen in een integer en betrouwbaar politiekorps en in de politiefunctionaris is ondergraven. Dat dit een veiligheidsrisico voor de betrokkene en voor de organisatie kan betekenen - zoals gedaagde heeft overwogen - wordt geïllustreerd door het feit dat appellant, naar aanleiding van door hem gegeven informatie, is mishandeld door (naar eigen zeggen) personen uit het criminele milieu.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bec07fe1152d6d719e2bddea2366368a1efd8ca8c3578eacaf1d614178dc6767. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bec07fe1152d6d719e2bddea2366368a1efd8ca8c3578eacaf1d614178dc6767, en de alinea staat in dat document op bytes 12834 tot 13536.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bec07fe1152d6d719e2bddea2366368a1efd8ca8c3578eacaf1d614178dc6767 | shasum -a 256