Citaat | Centrale Raad van Beroep 28 juni 2001

Alinea 21 Centrale Raad van Beroep 28 juni 2001

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 28 juni 2001, ECLI:NL:CRVB:2001:AF3973.

6.2. Gedaagde is tot schorsing overgegaan nadat bij hem op grond van de gedragingen van appellant, zoals die bij die hoorzitting naar voren waren gekomen, de verwachting was ontstaan dat appellant niet in militaire dienst kon worden gehandhaafd. Gezien deze gedragingen is de Raad van oordeel dat gedaagde tot een dergelijke verwachting heeft kunnen komen en in een dergelijke verwachting is naar het oordeel van de Raad voldoende grond gelegen om tot een schorsing in het belang van de dienst over te gaan. Gedaagde was derhalve bevoegd om tot de onderhavige schorsing over te gaan en de Raad is niet gebleken dat gedaagde in casu van deze bevoegdheid geen gebruik heeft mogen maken. Dit betekent dat het schorsingsbesluit in rechte stand kan houden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6e840b440a4f8bda3fd692c4fdc6ee22e15d404125a121bd20daa01f2fe8b652. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6e840b440a4f8bda3fd692c4fdc6ee22e15d404125a121bd20daa01f2fe8b652, en de alinea staat in dat document op bytes 9411 tot 10175.