Citaat | Centrale Raad van Beroep 21 maart 2002

Alinea 19 Centrale Raad van Beroep 21 maart 2002

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 21 maart 2002, ECLI:NL:CRVB:2002:AE0811.

1.4. Bij vonnis in kort geding van de president van de rechtbank 's-Gravenhage van 21 oktober 1998, rolnr. KG 98/945, is appellant veroordeeld de vrouw bij wijze van voorschot een bedrag van f 200.000,- te betalen en is de schorsing van het onder het USZO gelegde executoriale beslag opgeheven, onder de bepaling dat het herleefde beslag voortduurt totdat de vrouw middels dit beslag dan wel op andere wijze dat voorschot met de wettelijke rente daarover zal hebben ontvangen. De veroordeling en de opheffing zijn uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het Gerechtshof 's-Gravenhage heeft - voor zover hier van belang - dit vonnis vernietigd, appellant veroordeeld tot betaling van een voorschot tot een bedrag van f. 78.503,64 en de schorsing van het beslag opgeheven met ingang van 21 oktober 1998, onder bepaling dat dit herleefde beslag voortduurt totdat de vrouw het hiervoor aangegeven bedrag met de wettelijke rente daarover heeft ontvangen. De Hoge Raad heeft het daartegen ingestelde cassatieberoep alsmede het incidenteel cassatieberoep bij arrest van 29 september 2000, gepubliceerd in NJ 2000,655, verworpen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a5cfde3e727e1a0dfd5e04b3fab16af07627c1a04cd199a4f4e9436ab4cea3f9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a5cfde3e727e1a0dfd5e04b3fab16af07627c1a04cd199a4f4e9436ab4cea3f9, en de alinea staat in dat document op bytes 10727 tot 11858.