Citaat | Centrale Raad van Beroep 13 februari 2002
Alinea 32 Centrale Raad van Beroep 13 februari 2002
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 13 februari 2002, ECLI:NL:CRVB:2002:AE0911.
Het hiervoor overwogene leidt tot de slotsom dat appellante terecht heeft aangevoerd dat in de procedure in eerste aanleg sprake is geweest van een schending van artikel 6 van het EVRM. Uit de rechtspraak van het EHRM vloeit weliswaar voort dat een dergelijke schending in hoger beroep hersteld kan worden, doch de Raad is gelet op de aard van de procedure en ter voorkoming van overbodige procedures in hoger beroep, van oordeel dat met inachtneming van de hiervoor genoemde uitgangspunten in twee rechterlijke instanties geprocedeerd moet kunnen worden over de vraag of het bestreden besluit in rechte stand kan houden. De Raad acht derhalve termen aanwezig het geding met toepassing van artikel 26, lid 1, aanhef en onder b, van de Beroepswet terug te wijzen naar de rechtbank.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4497a509f734c7c7c5b978a2f2bbe039627c0c06d62026614ddb46324a586247. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4497a509f734c7c7c5b978a2f2bbe039627c0c06d62026614ddb46324a586247, en de alinea staat in dat document op bytes 17680 tot 18473.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4497a509f734c7c7c5b978a2f2bbe039627c0c06d62026614ddb46324a586247 | shasum -a 256