Citaat | Centrale Raad van Beroep 14 maart 2002

Alinea 17 Centrale Raad van Beroep 14 maart 2002

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 14 maart 2002, ECLI:NL:CRVB:2002:AE1343.

4. Op grond van artikel 24 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, zoals dat artikel ten tijde hier van belang luidde (en ook thans nog luidt), kan een belanghebbende bij de inspecteur der belastingen een bezwaarschrift indienen tegen het bedrag dat als belasting door een inhoudingsplichtige van hem is ingehouden. Dit betekent dat voor appellant ten aanzien van het bedrag dat in september 1996 bij de uitbetaling van de zeven vakantiedagen als loonheffing is ingehouden, bezwaar openstond bij een administratief orgaan - de inspecteur der belastingen - en vervolgens beroep bij een andere administratieve rechter, namelijk de belastingrechter. Gegeven deze rechtsgang moet de Raad concluderen dat gedaagde dit onderdeel van de bezwaren van appellant ten onrechte ontvankelijk heeft geacht en dat gedaagde het bezwaarschrift in zoverre met toepassing van artikel 6:15 van de Algemene wet bestuursrecht had dienen door te zenden naar de bevoegde belastinginspecteur. Gedaagde zal daartoe alsnog dienen over te gaan. Voorts betekent het voorgaande dat de rechtbank het beroep van appellant tegen het bestreden besluit in zoverre ten onrechte ongegrond heeft verklaard. De aangevallen uitspraak en het bestreden besluit kunnen in zoverre dan ook niet in stand blijven en dienen te worden vernietigd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a52bc1772a16285e59c06c8c4a834bef4ef70f9db0027b7b99b022c449bc0cb0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a52bc1772a16285e59c06c8c4a834bef4ef70f9db0027b7b99b022c449bc0cb0, en de alinea staat in dat document op bytes 7256 tot 8573.