Citaat | Centrale Raad van Beroep 2 mei 2002

Alinea 24 Centrale Raad van Beroep 2 mei 2002

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 2 mei 2002, ECLI:NL:CRVB:2002:AE4022.

4. De Raad merkt op dat het verzoek van gedaagde om hem alsnog in het genot te stellen van de representatietoelage uitsluitend betrekking heeft op de periode voorafgaand aan zijn verzoek. Ten tijde van gedaagdes verzoek op 11 juni 1998 was zijn inkomen in zijn nieuwe functie inmiddels gestegen tot boven het door artikel 49 van het Bbp - zoals door de Raad uitgelegd in vorenvermelde uitspraak - gegarandeerde bedrag. Over hetgeen partijen verdeeld houdt met betrekking tot de beslissing van appellant op dat verzoek overweegt de Raad het volgende.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7908e00eabd72e5a2dd3022932225bfa174d1f4592596c4f04b4271484739a38. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7908e00eabd72e5a2dd3022932225bfa174d1f4592596c4f04b4271484739a38, en de alinea staat in dat document op bytes 9194 tot 9756.