Citaat | Centrale Raad van Beroep 18 juli 2002

Alinea 23 Centrale Raad van Beroep 18 juli 2002

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 18 juli 2002, ECLI:NL:CRVB:2002:AE7113.

1.6. Naar aanleiding van appellants bezwaar tegen dit besluit heeft gedaagde bij het bestreden besluit van 19 juni 1997 gesteld dat het evident was dat appellant geen belang had bij toezending van documenten die reeds alle in zijn bezit zouden moeten zijn. Met betrekking tot de voor appellant ongunstige ambtsberichten overwoog gedaagde dat deze tot in hoogste instantie waren getoetst, correct aan de uitspraken van de Raad waren aangepast en aldus in rechte onaantastbaar waren geworden, alsmede dat het advies van het Internationaal Gerechtshof geen aanleiding vormde van die ambtsberichten terug te komen. Gedaagde zag daarom geen grond in te gaan op appellants verzoeken om bevordering, schadevergoeding en rehabilitatie en verklaarde het bezwaar met toepassing van artikel 7:3, aanhef en onder b, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kennelijk ongegrond.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/63a3a2739c1f2968a00e3681853d254e2e4f0e3f755a00bb6b3d95734b69db8f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 63a3a2739c1f2968a00e3681853d254e2e4f0e3f755a00bb6b3d95734b69db8f, en de alinea staat in dat document op bytes 8083 tot 8960.