Citaat | Centrale Raad van Beroep 18 juli 2002

Alinea 47 Centrale Raad van Beroep 18 juli 2002

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 18 juli 2002, ECLI:NL:CRVB:2002:AE7113.

6.1. Bij brieven van 11 oktober 1982, 7 oktober 1983 onderscheidenlijk 3 oktober 1984 heeft de Minister appellant destijds meegedeeld dat hij gezien zijn plaats op de ranglijst in aanmerking was genomen voor keuzebevordering tot majoor met ingang van 1 november 1982, 1 november 1983 onderscheidenlijk 1 november 1984, maar dat daaromtrent nog geen advies aan de Koningin kon worden uitgebracht zolang de in aanmerking te nemen beoordelingen en ambtsberichten (i.e. voormelde kennisgevingen) nog niet alle rechtens onaantastbaar waren geworden. Omdat appellant het vanwege de inhoud van de kennisgevingen niet meer mogelijk achtte dat hij nog zou worden bevorderd, heeft hij per 1 juli 1985 elders een betrekking aanvaard en met ingang van die datum om ontslag verzocht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/63a3a2739c1f2968a00e3681853d254e2e4f0e3f755a00bb6b3d95734b69db8f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 63a3a2739c1f2968a00e3681853d254e2e4f0e3f755a00bb6b3d95734b69db8f, en de alinea staat in dat document op bytes 20299 tot 21083.