Citaat | Centrale Raad van Beroep 12 december 2002
Alinea 28 Centrale Raad van Beroep 12 december 2002
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 12 december 2002, ECLI:NL:CRVB:2002:AF3215.
Hetgeen van de zijde van appellant in hoger beroep is aangevoerd bevat in vergelijking met het door hem in eerste aanleg aangevoerde geen wezenlijke nieuwe gezichtspunten en heeft de Raad ook niet tot een ander oordeel kunnen brengen. Evenals de rechtbank en met overneming van de daartoe door haar gebezigde gronden is de Raad van oordeel dat gedaagde terecht en op juiste wijze heeft besloten de over de periode 1 januari 1998 tot 2 maart 1998 betaalde voorschotten in het kader van de WW van appellant terug te vorderen. De Raad merkt daarbij op dat in het toekenningsbesluit van 21 september 1998 uitdrukkelijk is vermeld dat in verband met het nog lopende beroep inzake de verzekeringsplicht van appellant de uitkering als voorschot dient te worden beschouwd en dat afhankelijk van de uitkomst van die procedure de mogelijkheid bestaat dat de uitkering moet worden terugbetaald.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7228d376fda9c5f1943a05b2dd00d2594065926c1fbcac5ef2200803dc48dc74. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7228d376fda9c5f1943a05b2dd00d2594065926c1fbcac5ef2200803dc48dc74, en de alinea staat in dat document op bytes 15569 tot 16467.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7228d376fda9c5f1943a05b2dd00d2594065926c1fbcac5ef2200803dc48dc74 | shasum -a 256