Citaat | Centrale Raad van Beroep 9 januari 2003

Alinea 33 Centrale Raad van Beroep 9 januari 2003

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 9 januari 2003, ECLI:NL:CRVB:2003:AF3481.

3.9.1. In de door appellante overgelegde verklaringen van N, ook een oud-collega van [naam echtgenoot], is gedetailleerd aangegeven dat en op welke wijze N en [naam echtgenoot] betrokken zijn geweest bij verbouwingen en andere werkzaamheden waarbij asbesthoudend materiaal op zodanige wijze werd bewerkt dat daarbij asbestvezels konden vrijkomen. Anders dan de rechtbank, is de Raad van oordeel dat het zogenoemde ex-tuncbeginsel niet aan het gebruik van deze verklaringen in de weg staat, nu het hier gaat om nader bewijs van feiten en omstandigheden die appellante reeds vóór het nemen van het bestreden besluit had aangevoerd en die mede onder de onderzoeksplicht van gedaagde vielen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/84cd9f39c3ce3b823983255a01b195a643c79bcd6b32ae5cdedf74d31e9d3ed6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 84cd9f39c3ce3b823983255a01b195a643c79bcd6b32ae5cdedf74d31e9d3ed6, en de alinea staat in dat document op bytes 17802 tot 18505.