Citaat | Centrale Raad van Beroep 23 januari 2003

Alinea 20 Centrale Raad van Beroep 23 januari 2003

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 23 januari 2003, ECLI:NL:CRVB:2003:AF5060.

De Raad overweegt te dien aanzien op grond van de gedingstukken en het verhandelde te zijner zitting dat er in casu sprake is van een duidelijk aanwijsbaar verband tussen de desbetreffende voor premie vatbaar geachte ongevallenuitkering en betrokken - naar tijd en aard - bepaalde arbeid van een medio 1992 door een bedrijfsongeval getroffen werknemer bij appellante als werkgeefster - die de verzekering en daaraan verbonden uitkering met de verzekeraar is overeengekomen ten behoeve van haar werknemers voor een onverwachte calamiteits-situatie als de voorliggende - en de hoogte van het door betrokkene hiervoor genoten loon benevens een nauwe koppeling tussen de ten tijde in geding hier ook doorlopende en deswege per definitie aan de orde zijnde tegenwoordige dienstbetrekking met de daarin opgelopen mate van invaliditeit en meerbedoelde uitkering aanwezig dient te worden geacht. De situatie van een - vergelijking tot een -situatie van een vroegere dienstbetrekking is te dezen volgens de Raad in elk geval niet van toepassing. Aangezien de wetgever onder loon verstaat al hetgeen uit dienstbetrekking wordt genoten, en hierop voor de onderhavige ongevallenuitkering als zodanig, juist ook niet blijkens de slechts op aanspraken ziende rubrieken van artikel 6, lid 1, onder f, van de CSV, g e e n uitdrukkelijke exceptie heeft opgenomen, ziet de Raad geen doeltreffende reden evenbedoelde uikering van het loonbegrip en de vatbaarheid voor de bestreden premies uit te zonderen. De Raad ziet hierbij evenmin aanleiding in essentie af te wijken van een over een zelfde type geval van een ongevallenuitkering handelende uitspraak van de Raad van 29 juli 2002, gepubliceerd in USZ 2002/288. Dat de betalingsstroom van de uitkering daarbij verliep via de werkgeefster in plaats van zoals hier direct door de verzekeraar aan betrokkene geschiedde, doet daaraan niet af. Ook in het vanwege appellante geschetste karakter van de uitkering, wat daarvan overigens zij, kan de Raad onder de gegeven omstandigheden bij de geschetste verbanden geen goede grond zien om thans anders te oordelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/34a08f8a9df4e469222e3f5ffc3a3c51b44d86727265bd1e1fac760842163796. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 34a08f8a9df4e469222e3f5ffc3a3c51b44d86727265bd1e1fac760842163796, en de alinea staat in dat document op bytes 8061 tot 10164.