Citaat | Centrale Raad van Beroep 17 april 2003
Alinea 37 Centrale Raad van Beroep 17 april 2003
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 17 april 2003, ECLI:NL:CRVB:2003:AF8252.
Het bestuursorgaan heeft in hoger beroep aangevoerd dat hij in het onderhavige geval op correcte en adequate wijze toepassing heeft gegeven aan artikel 7:4 van de Awb. Het bestuursorgaan heeft er daartoe op gewezen dat hij voorafgaand aan de hoorzitting kopieën van de op de zaak betrekking hebbende stukken aan belanghebbende heeft toegezonden. Aangezien de administratie in het kader van het strafrechtelijk onderzoek in het bezit van het Openbaar Ministerie (OM) was, kon het bestuursorgaan de administratie niet overleggen, maar heeft het bestuursorgaan belanghebbende naar het OM moeten verwijzen. Voorts heeft het bestuursorgaan er op gewezen dat (gemachtigde) belanghebbende op 5 juni 1998 in de gelegenheid is gesteld om de administratie in te zien. Van deze mogelijkheid heeft belanghebbende om hem moverende redenen geen gebruik gemaakt. Daarnaast heeft het bestuursorgaan opgemerkt dat de gemachtigde en de accountant van belanghebbende de administratie voorafgaand aan de tweede hoorzitting hebben kunnen inzien, terwijl de accountant door de Rechter Commissaris bovendien in de gelegenheid is gesteld aan te geven welke documenten voor zijn onderzoek zo noodzakelijk zouden zijn dat hij over afschriften zou moeten beschikken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cfb99ec16d08ab0863593ab281991f114109863cdec119aa0cb8d471f8f553c8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cfb99ec16d08ab0863593ab281991f114109863cdec119aa0cb8d471f8f553c8, en de alinea staat in dat document op bytes 13546 tot 14800.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cfb99ec16d08ab0863593ab281991f114109863cdec119aa0cb8d471f8f553c8 | shasum -a 256