Citaat | Centrale Raad van Beroep 4 juli 2003

Alinea 27 Centrale Raad van Beroep 4 juli 2003

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 4 juli 2003, ECLI:NL:CRVB:2003:AI0140.

In hoger beroep is namens appellant -kort samengevat- aangevoerd dat de rechtbank ten onrechte geen betekenis heeft toegekend aan het rapport van psychiater Rübsaam en dat onduidelijk is gebleven waarom de rechtbank tweemaal een deskundige van hetzelfde specialisme heeft benoemd. Appellant meent dat geen sprake is geweest van een eerlijke behandeling van zijn zaak door een onpartijdige rechter als bedoeld in artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Voorts is ook in hoger beroep aangevoerd dat onvoldoende rekening is gehouden met de oogproblemen van appellant en met het risico van verwondingen, in verband met de antistollingsmedicijnen die appellant gebruikt, en infecties welke een gevaar voor de kunstklep van appellant opleveren. Ten slotte is aangevoerd dat ten onrechte functies waarvoor een LBO opleiding of gelijkwaardige opleiding is vereist aan hem zijn voorgehouden. Ter zitting van 28 februari 2003 is namens appellant nog aangevoerd dat de duur van de rechterlijke procedure zodanig lang is dat sprake is van een overschrijding van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het EVRM.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/18c2712e84f5e6d2d0b32d94cc5a5f4eda13340b9de5b093d515f294b20d4301. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 18c2712e84f5e6d2d0b32d94cc5a5f4eda13340b9de5b093d515f294b20d4301, en de alinea staat in dat document op bytes 11932 tot 13131.