Citaat | Centrale Raad van Beroep 7 augustus 2003
Alinea 25 Centrale Raad van Beroep 7 augustus 2003
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 7 augustus 2003, ECLI:NL:CRVB:2003:AI1161.
3.5.1. Wat betreft verdergaande immateriële schade hebben appellanten daarnaast uiteengezet dat zij ook overigens sterk hebben geleden onder de ontslagprocedure. Zo zijn zij na hun herintreding door (een deel van) hun leidinggevenden en een deel van hun collega's niet meer met normaal vertrouwen bejegend en hebben zij daardoor hun werkzaamheden niet meer met voldoende zelfvertrouwen kunnen uitvoeren. Appellanten hebben ter zitting, met van de zijde van gedaagde niet weersproken voorbeelden geadstrueerd hoe hun zelfvertrouwen is geknakt, hoe zij na hun herintreding niet "met een schone lei" hebben kunnen beginnen, en hoe hun positie binnen de politieregio zowel ten opzichte van leidinggevenden als ten opzichte van collega's blijvend was aangetast, onder meer blijkend uit openlijke en verholen toespelingen op de oude beschuldigingen en blijken van wantrouwen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d651294095d8ad1ef946f84976f4dd2526279d9abe89cd2d5742efac5fd0f055. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d651294095d8ad1ef946f84976f4dd2526279d9abe89cd2d5742efac5fd0f055, en de alinea staat in dat document op bytes 14718 tot 15601.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d651294095d8ad1ef946f84976f4dd2526279d9abe89cd2d5742efac5fd0f055 | shasum -a 256