Citaat | Centrale Raad van Beroep 18 juni 2004
Alinea 53 Centrale Raad van Beroep 18 juni 2004
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 18 juni 2004, ECLI:NL:CRVB:2004:AP4680.
Enkele betrokkenen hebben ten slotte doen stellen dat verblijf in een penitentiaire inrichting na afloop van een gevangenisstraf en in afwachting van opname in een TBS-inrichting niet kan worden beschouwd als een situatie waarin aan de betrokkene rechtens zijn vrijheid is ontnomen in de zin van artikel 1, eerste lid, aanhef en onder k van de WAO en artikel 1, eerste lid, aanhef en onder i van de WAJONG. De Raad kan deze stelling niet onderschrijven. Op grond van artikel 10 van de Pb kunnen tot gevangenisstraf veroordeelden aan wie tevens de maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege is opgelegd, na het einde van de vrijheidsstraf in een gevangenis verblijven, zolang opname in de voor hen bestemde plaats niet mogelijk is. Ingevolge artikel 12, eerste lid, van de Beginselenwet verpleging ter beschikking gestelden geschiedt de plaatsing van een ter beschikking gestelde voordat de termijn van ter beschikkingstelling zes maanden heeft gelopen. De Minister van Justitie kan de termijn van zes maanden onder bepaalde voorwaarden telkens met drie maanden verlengen indien plaatsing binnen zes maanden niet mogelijk is. Tenzij derhalve ten aanzien van detentie in afwachting van plaatsing in een TBS-inrichting voornoemde bepalingen niet in acht worden genomen, waarvan in geen van de onderhavige gedingen is gebleken, is sprake van een vrijheidsbeneming rechtens. Uit de parlementaire geschiedenis van het wetsvoorstel blijkt dat de wetgever de situatie van verblijf in een penitentiaire inrichting in afwachting van opname in een TBS-inrichting onder ogen heeft gezien en heeft gemeend dat een lopende uitkering ook in dat geval moet worden ingetrokken (TK 1997-1998, 26 063, nr. 3, pag. 13 en 14). De Raad kan, hoezeer hij het ook ongewenst acht dat het verblijf in een penitentiaire inrichting (veel) langer duurt dan zes maanden, tegen de achtergrond van de doelstellingen van de Wsg toch niet aannemen dat onverkorte toepassing van de Wsg in dergelijke gevallen leidt tot door de wetgever niet beoogde resultaten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ccdbb335f8c9a9036c6b2b67a063a5822bc20ef17a508a73bd58fdd32ac0f026. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ccdbb335f8c9a9036c6b2b67a063a5822bc20ef17a508a73bd58fdd32ac0f026, en de alinea staat in dat document op bytes 21099 tot 23174.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ccdbb335f8c9a9036c6b2b67a063a5822bc20ef17a508a73bd58fdd32ac0f026 | shasum -a 256