Citaat | Centrale Raad van Beroep 24 juni 2004

Alinea 31 Centrale Raad van Beroep 24 juni 2004

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 24 juni 2004, ECLI:NL:CRVB:2004:AP5260.

Appellant heeft aangevoerd dat de teamvergaderingen steeds op donderdag werden gehouden en dat hij daarbij graag aanwezig wilde zijn, om weer zo veel mogelijk bij de algehele gang van zaken binnen de school betrokken te worden. Daar staat echter tegenover dat de directeur, en met hem gedaagde, het uit didaktisch oogpunt van belang achtte dat appellant op vrijdag en maandag aan groep 7 les zou geven en dat zijn collega dat op dinsdag, woensdag en donderdag zou doen. Op woensdag, een kortere werkdag, gaf appellant geen les, maar was hij belast met andere taken. Door voormelde indeling zou volgens gedaagde zo veel mogelijk continuïteit in het lesgeven door een en dezelfde leerkracht worden bereikt. Gezien de discretionaire bevoegdheid die gedaagde op dit punt toekomt, acht de Raad geen grond aanwezig om te oordelen dat gedaagde aan het door hem in navolging van de directeur gebezigde argument voor werken op vrijdag door appellant, geen doorslaggevende betekenis had mogen hechten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0dc3192eef6633a51d5bc040c6eeb18ff1e7c2a75a4560ac7389e8fe18cf5bba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0dc3192eef6633a51d5bc040c6eeb18ff1e7c2a75a4560ac7389e8fe18cf5bba, en de alinea staat in dat document op bytes 13935 tot 14940.