Citaat | Centrale Raad van Beroep 8 december 2004
Alinea 51 Centrale Raad van Beroep 8 december 2004
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 8 december 2004, ECLI:NL:CRVB:2004:AR7273.
6.9 Volledigheidshalve merkt de Raad op dat hij ook thans vasthoudt aan zijn rechtspraak dat een belanghebbende zich voor de vaststelling van de gevolgen die moeten worden verbonden aan schending van een redelijke termijn bij de rechterlijke behandeling van een zaak tot de burgerlijke rechter dient te wenden. Bij gebreke aan een wettelijke voorziening ter zake komt in het Nederlandse rechtssysteem het oordeel over de beweerdelijk geleden - en door de Staat te vergoeden - schade toe aan de burgerlijke rechter (zie de uitspraak van 4 juli 2003, RSV 2003/211 en USZ 2003/267).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b60b0fd2e1e95aca8fd9ec962a7c43e169cf70db0e4d30444462fe8b3657894f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b60b0fd2e1e95aca8fd9ec962a7c43e169cf70db0e4d30444462fe8b3657894f, en de alinea staat in dat document op bytes 22985 tot 23578.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b60b0fd2e1e95aca8fd9ec962a7c43e169cf70db0e4d30444462fe8b3657894f | shasum -a 256