Citaat | Centrale Raad van Beroep 3 februari 2005
Alinea 41 Centrale Raad van Beroep 3 februari 2005
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 3 februari 2005, ECLI:NL:CRVB:2005:AS8274.
Ten aanzien van de gestelde schending van de redelijke termijn als bedoeld in artikel 6 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamen-tele vrijheden (EVRM), overweegt de Raad dat sedert de brief van 10 april 1996, waarbij de boete werd aangekondigd, inmiddels 8 jaar en 8 maanden zijn verstreken. De Raad is van oordeel dat deze termijn dermate lang is dat sprake is van schending van de redelijke termijn. De Raad vindt hierin aanleiding om onder toepassing van artikel 8:72, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) de opgelegde boete op nihil te stellen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/254a16ef1a696bbc2eb94d4b6050839c21b8b252be44d2ccd8c40acb116d86f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 254a16ef1a696bbc2eb94d4b6050839c21b8b252be44d2ccd8c40acb116d86f8, en de alinea staat in dat document op bytes 17501 tot 18119.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/254a16ef1a696bbc2eb94d4b6050839c21b8b252be44d2ccd8c40acb116d86f8 | shasum -a 256