Citaat | Centrale Raad van Beroep 2 maart 2006

Alinea 24 Centrale Raad van Beroep 2 maart 2006

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 2 maart 2006, ECLI:NL:CRVB:2006:AV3953.

3.3. Voor wat betreft de inhoud van de beoordeling stelt de Raad voorts vast dat volgens vaste jurisprudentie in geval van negatieve oordelen zoals hier, het uitgangspunt geldt dat het betrokken bestuursorgaan aan de hand van concrete feiten aannemelijk moet maken dat die negatieve waardering niet op onvoldoende gronden berust. In de bestreden beoordeling zijn weliswaar concrete voorbeelden genoemd, maar appellant heeft in zijn bezwaarschrift die voorbeelden gemotiveerd bestreden en daar voorbeelden van goed functioneren tegenover geplaatst. De Raad constateert dat gedaagde in zijn beslissing op bezwaar, evenmin als genoemde commissie in haar advies, in het geheel niet is ingegaan op hetgeen appellant inhoudelijk tegen de beoordeling naar voren heeft gebracht. Volstaan is met de overweging dat niet is gebleken dat de beoordeling inhoudelijk op onjuiste gronden berust. Daarmee is het bestreden besluit niet naar behoren gemotiveerd. Dat op de hoorzitting mogelijk wel gesproken is over hetgeen appellant had ingebracht tegen de beoordeling maakt dat niet anders.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fdb86cbc5934e3cce3b0f179d79177af42b7e967eeedfd8461f6817d3a511cbf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fdb86cbc5934e3cce3b0f179d79177af42b7e967eeedfd8461f6817d3a511cbf, en de alinea staat in dat document op bytes 9351 tot 10438.