Citaat | Centrale Raad van Beroep 2 maart 2006

Alinea 28 Centrale Raad van Beroep 2 maart 2006

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 2 maart 2006, ECLI:NL:CRVB:2006:AV3953.

4.1. Het ontslag van appellant is gebaseerd op verstoorde verhoudingen. Uit de gedingstukken blijkt dat appellant eind 2000 heeft aangegeven niet langer werkzaam te willen zijn bij de sectie [naam sectie] omdat hij onoverkomelijke problemen had met zijn leidinggevende. Dit vindt ook in vele andere gedingstukken bevestiging. Daarmee staat vast dat vanuit appellant bezien er sprake was van verstoorde verhoudingen. Gedaagde is appellant tegemoet gekomen en heeft getracht hem te bemiddelen naar ander werk binnen de gemeente. Dat is, niet in de laatste plaats vanwege de opstelling van appellant, niet gelukt. Nadat appellant te kennen had gegeven geen andere functie te willen, is een impasse ontstaan en heeft gedaagde besloten het dienstverband te beëindigen. De Raad is van oordeel dat gedaagde in deze omstandigheden bevoegd was om appellant op de gebezigde grond te ontslaan. Dat aan het ontslag andere, aan appellants optreden als klokkenluider toe te schrijven, motieven ten grondslag lagen is de Raad niet gebleken. Hoewel in het ontslagbesluit ook is overwogen dat gedaagde het appellant verwijt dat hij pas in een zeer laat stadium met zijn beschuldigingen inzake fraude en discriminatie kwam, heeft appellant de Raad er niet van weten te overtuigen dat dit verwijt de ware aanleiding was voor het ontslag.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fdb86cbc5934e3cce3b0f179d79177af42b7e967eeedfd8461f6817d3a511cbf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fdb86cbc5934e3cce3b0f179d79177af42b7e967eeedfd8461f6817d3a511cbf, en de alinea staat in dat document op bytes 11580 tot 12912.