Citaat | Centrale Raad van Beroep 17 mei 2006

Alinea 32 Centrale Raad van Beroep 17 mei 2006

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 17 mei 2006, ECLI:NL:CRVB:2006:AX3749.

De Raad verwijst naar de memorie van antwoord die appellant op 23 juni 2004 heeft opgesteld en waarin op pag. 24 is te lezen dat op 28 mei 2001 de rechtbank Rotterdam uitspraak heeft gedaan in de beroepszaak van 23 mei 2000, waarbij het beroep ongegrond is verklaard, dat tegen deze uitspraak geen hoger beroep is ingesteld bij de Raad, waardoor vaststaat dat appellant met ingang van 16 februari 1996 voor een periode van vijf jaar recht heeft op een WAO-conforme uitkering ter hoogte van het maximale dagloon en dat dit recht eindigt op 16 februari 2001. Naar het oordeel van de Raad heeft appellant hiermee een juiste weergave van de feiten gegeven. De Raad voegt daaraan toe dat tevens vaststaat dat de WAO-conforme uitkering een half jaar na 16 februari 1996 is berekend naar het vervolgdagloon en dat de WAO-conforme uitkering met ingang van 1 januari 1998 is omgezet in een WAO-uitkering. Nu geen beroep is ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 28 mei 2001 staat tevens vast dat het Uwv met zijn besluit van 14 april 2000 op een juiste wijze en binnen de termijn van vier weken uitvoering heeft gegeven aan de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 17 maart 2000 en dat geen dwangsommen zijn verbeurd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ad65ab1d8f7ed74bccc1801afc796694bbb30bb92f4c0ffcc25ec29c9b861405. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ad65ab1d8f7ed74bccc1801afc796694bbb30bb92f4c0ffcc25ec29c9b861405, en de alinea staat in dat document op bytes 14100 tot 15345.