Citaat | Centrale Raad van Beroep 26 april 2007
Alinea 25 Centrale Raad van Beroep 26 april 2007
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 26 april 2007, ECLI:NL:CRVB:2007:BA4534.
2.2. Naar aanleiding van dit betoog van appellante heeft de rechtbank De Gooyert, die de gemachtigde van de stichting ter zitting vergezelde, onder ede als getuige gehoord. Blijkens het proces-verbaal van de rechtbank heeft De Gooyert, kort samengevat, verklaard dat hij in december 1999 of januari 2000 met appellante een gesprek heeft gehad over het verrichten van (inval)werkzaamheden, dat appellante daarbij niet heeft gesproken over haar WAO-uitkering en dat zij hem evenmin een REA-brochure heeft gegeven. Gelet op deze getuigenverklaring heeft de rechtbank geoordeeld dat de stelling van appellante dat zij De Gooyert van haar WAO-uitkering op de hoogte heeft gesteld niet aannemelijk is geworden. De rechtbank achtte ook niet aannemelijk dat appellante haar WAO-situatie met de locatiedirecteuren heeft besproken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8cbec91afd86440a5f3de006bc254e9d7a3fb4b17e9b1742fa9eafe14974c40f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8cbec91afd86440a5f3de006bc254e9d7a3fb4b17e9b1742fa9eafe14974c40f, en de alinea staat in dat document op bytes 7428 tot 8262.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8cbec91afd86440a5f3de006bc254e9d7a3fb4b17e9b1742fa9eafe14974c40f | shasum -a 256