Citaat | Centrale Raad van Beroep 22 mei 2007

Alinea 31 Centrale Raad van Beroep 22 mei 2007

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 22 mei 2007, ECLI:NL:CRVB:2007:BA6864.

Niettemin dient de aangevallen uitspraak naar het oordeel van de Raad in stand te worden gelaten. Hiertoe overweegt de Raad dat betrokkenen blijkens een rapportage van het CWI op 21 januari 2004 langs zijn geweest met het doel om een bijstandsuitkering naar de norm voor gehuwden aan te vragen. Deze aanvraag is, zo blijkt uit voormelde rapportage, door de handelwijze van het CWI niet tot stand gekomen, nu betrokkene [betrokkene 2] op dat moment nog niet beschikte over een vergunning tot verblijf in Nederland en betrokkenen naar het oordeel van het CWI om die reden nog geen bijstand naar de norm voor gehuwden konden aanvragen. Onder die omstandigheden kan het betrokkenen naar het oordeel van de Raad niet worden verweten dat op 21 januari 2004 geen melding als bedoeld in artikel 44, tweede lid, van de WWB tot stand is gekomen. De Raad komt evenals de rechtbank tot de conclusie dat appellant dient te onderzoeken of betrokkenen vanaf 21 januari 2004 recht hebben op bijstand naar de norm voor gehuwden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b1d3ef8839bfe8a74af23734cb2a0eb69f7c12cd0029ab06df862124fccc74ea. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b1d3ef8839bfe8a74af23734cb2a0eb69f7c12cd0029ab06df862124fccc74ea, en de alinea staat in dat document op bytes 9544 tot 10568.