Citaat | Centrale Raad van Beroep 20 september 2007
Alinea 37 Centrale Raad van Beroep 20 september 2007
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 20 september 2007, ECLI:NL:CRVB:2007:BB6243.
26 november 1999 en de omstandigheid dat appellant nadien niet van hen verlangde dat zij maandelijks inkomstenformulieren inleverden de indruk hadden dat zij waren vrijgesteld van de vermogenstoets maakt dat niet anders. De Raad neemt daarbij in aanmerking dat de rechtbank heeft vastgesteld dat uit de gedingstukken niet blijkt dat van de zijde van appellant aan betrokkenen een uitdrukkelijke, ondubbelzinnige en ongeclausuleerde toezegging is gedaan dat de omvang van hun vermogen geen belemmering vormde voor het verstrekken van bijstand en dat zulks ook gold voor de vermogensaanwas. Aangezien appellant deze vaststelling niet heeft bestreden en betrokkenen geen hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank hebben ingesteld, dient in hoger beroep van de juistheid daarvan te worden uitgegegaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4c2fdd5e6a576adaccb3b270222c9a094097040364878e5444f945845c40826b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4c2fdd5e6a576adaccb3b270222c9a094097040364878e5444f945845c40826b, en de alinea staat in dat document op bytes 11657 tot 12475.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4c2fdd5e6a576adaccb3b270222c9a094097040364878e5444f945845c40826b | shasum -a 256