Citaat | Centrale Raad van Beroep 4 mei 2010

Alinea 24 Centrale Raad van Beroep 4 mei 2010

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 4 mei 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BM4034.

1.2. Namens de Staat is - kort weergegeven - uiteengezet dat wordt onderschreven dat in de eerste twee procedures de redelijke termijn, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het EVRM, in de rechterlijke fase is overschreden en dat betrokkene in aanmerking komt voor een vergoeding van immateriële schade. Daarbij is aangegeven dat een vergoeding van € 1.500,– redelijk kan worden geacht, welke vergoeding aan betrokkene zal worden betaald. De Staat wijst er daarbij op dat het hier parallelle procedures betreft, die alle betrekking hebben op betrokkenes aanspraak op grond van de WAO, zodat kan worden volstaan met schadevergoeding in verband met de eerste procedure.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cdeddca68cf0d0683dd1a189ed0aea9e50f4b819918d6260357b8869ea451c8c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cdeddca68cf0d0683dd1a189ed0aea9e50f4b819918d6260357b8869ea451c8c, en de alinea staat in dat document op bytes 8957 tot 9644.