Citaat | Centrale Raad van Beroep 3 december 2010

Alinea 27 Centrale Raad van Beroep 3 december 2010

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 3 december 2010, ECLI:NL:CRVB:2010:BO6358.

3.2. Met betrekking tot de vordering van de kosten van rechtsbijstand stelt verzoekster zich primair op het standpunt dat zij recht heeft op vergoeding van de volledige kosten van rechtsbijstand, met name gelet op de opstelling van het Uwv gedurende de procedure, daarin bestaande dat het Uwv lang en tegen beter weten in heeft volhard in de afwijzing van de aanvraag. Uiteindelijk is volgens verzoekster in hoger beroep aan haar op grond van niet wezenlijk andere argumenten en gegevens dan die welke ten grondslag lagen aan de (in beroep gehandhaafde) afwijzing van de aanvraag door het Uwv alsnog een uitkering krachtens de Wajong toegekend. Subsidiair heeft verzoekster gevraagd om vergoeding van de kosten van rechtsbijstand op basis van de forfaitaire bedragen genoemd in het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb), waarbij uitgegaan dient te worden van een wegingsfactor 2.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4bcab0f0626231a98f028b6e0bb81c19f632f251a56d62a2aae985e808090da. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4bcab0f0626231a98f028b6e0bb81c19f632f251a56d62a2aae985e808090da, en de alinea staat in dat document op bytes 9480 tot 10376.