Citaat | Centrale Raad van Beroep 30 augustus 2011

Alinea 32 Centrale Raad van Beroep 30 augustus 2011

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 30 augustus 2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BR7039.

4.4. In hetgeen appellante heeft aangevoerd over haar beheersing van de Nederlandse taal ziet de Raad geen aanleiding om af te wijken van zijn vaste rechtspraak dat, ook indien later van een afgelegde verklaring wordt teruggekomen, in het algemeen mag worden uitgegaan van de juistheid van de aanvankelijk tegenover een sociaal rechercheur afgelegde en door de betrokkene ondertekende verklaring, tenzij sprake is geweest van zodanige bijzondere omstandigheden dat op dit algemene uitgangspunt een uitzondering moet worden gemaakt. De Raad heeft hiervoor in dit geval geen toereikende aanknopingspunten gevonden, te minder nu appellante tijdens het verhoor heeft aangegeven de Nederlandse taal te verstaan en te begrijpen en in het Nederlands gehoord te willen worden en uit de verklaring van appellantes casemanager [H.] en het verslag van de hoorzitting is op te maken dat appellante de Nederlandse taal redelijk beheerste.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ea4d798755059db1323f3c9c0a951cd367eb40d20fcca2a5168f23a3bbe83dcd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ea4d798755059db1323f3c9c0a951cd367eb40d20fcca2a5168f23a3bbe83dcd, en de alinea staat in dat document op bytes 9145 tot 10083.