Citaat | Centrale Raad van Beroep 17 januari 2012

Alinea 33 Centrale Raad van Beroep 17 januari 2012

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 17 januari 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BV1783.

4.7. De Raad volgt appellante evenmin in haar stelling dat zij niet aan de door haar afgelegde verklaringen mag worden gehouden, omdat deze onder ontoelaatbare druk zijn afgelegd. De door appellante afgelegde verklaringen zijn, na voorlezing, zonder voorbehoud door appellante ondertekend. Vaste rechtspraak van de Raad (zie bijvoorbeeld zijn uitspraak van 4 mei 2010, LJN BM7618) is dat in het algemeen van de juistheid van een tegenover een sociaal rechercheur afgelegde en door betrokkene ondertekende verklaring mag worden uitgegaan en dat aan een latere intrekking of wijziging van die verklaring geen doorslaggevende betekenis kan worden toegekend. De gedingstukken bieden geen aanknopingspunten om in het geval van appellante van die hoofdregel af te wijken. Met de rechtbank is de Raad niet gebleken dat de door appellante ondertekende verklaringen onder ontoelaatbare druk tot stand zijn gekomen of dat deze in essentie geen juiste weergave bevatten van hetgeen ten overstaan van de sociale recherche is verklaard. In verband hiermede merkt de Raad nog op dat uit de gedingstukken en ook ter zitting niet is gebleken dat - zoals appellante stelt - zij de Nederlandse taal onvoldoende beheerst.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ffe4e74eb0658f3fc0f34643075301263ed64ab95b23e25e92e4b1c7b2ba646. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ffe4e74eb0658f3fc0f34643075301263ed64ab95b23e25e92e4b1c7b2ba646, en de alinea staat in dat document op bytes 16456 tot 17671.