Citaat | Centrale Raad van Beroep 19 januari 2012

Alinea 15 Centrale Raad van Beroep 19 januari 2012

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 19 januari 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BV2001.

8. Verzoeker stelt dat de aangevoerde bezwaren gericht zijn tegen de drie individuele rechters. Hij heeft hierbij als reden opgegeven dat zij deel uitmaken van een instituut dat hij niet als wettig rechtscollege erkent. Naar het oordeel van de Raad is deze aangevoerde wrakingsgrond niet gericht tegen de persoon van de rechters, maar kan deze niet anders worden opgevat dan te zijn gericht tegen elk lid van de Raad en elke kamer in welke samenstelling dan ook, derhalve tegen de Raad als zodanig. De Raad stelt vast dat er geen sprake is van nieuwe feiten en omstandigheden, zoals bedoeld in artikel 8:16, vierde lid, van de Awb, reden waarom dit verzoek om wraking niet in behandeling wordt genomen. De Raad stelt tevens vast dat verzoeker in dezelfde hoger beroepszaak tot tweemaal toe een niet geslaagd verzoek tot wraking heeft gedaan op dezelfde grond en dat dit tweede wrakingsverzoek niet in behandeling wordt genomen. Dit rechtvaardigt de conclusie dat verzoeker het instrument van wraking heeft misbruikt. De Raad bepaalt dan ook, gebruikmakend van de hem in artikel 8:18, vierde lid, van de Awb in verbinding met artikel 21, eerste lid, van de Beroepswet gegeven bevoegdheid, dat een volgend verzoek om wraking van een of meer van de behandelende rechters in deze hoger beroepszaak van verzoeker niet in behandeling wordt genomen.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c67bc0901b5853d29f7fcbd04eb120001e82bae82cd65de695fa3518f44ab5b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c67bc0901b5853d29f7fcbd04eb120001e82bae82cd65de695fa3518f44ab5b2, en de alinea staat in dat document op bytes 7097 tot 8455.