Citaat | Centrale Raad van Beroep 27 maart 2012
Alinea 29 Centrale Raad van Beroep 27 maart 2012
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 27 maart 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BW0108.
4.2. De Raad volgt appellante niet in haar standpunt dat als uitvloeisel van de door haar genoemde arresten van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens van 27 november 2008, LJN BH0402 van 11 december 2008, LJN BH0404 en van 24 september 2009, LJN BK5780 en het arrest van de Hoge Raad (HR) van 30 juni 2009, LJN BH3079, de verklaring die zij ten overstaan van de sociaal rechercheurs heeft afgelegd, niet als ondersteuning voor de besluitvorming van de Svb gebruikt zou kunnen worden, omdat zij voorafgaand aan haar verhoor niet is gewezen op de mogelijkheid een advocaat te consulteren. De Raad heeft al eerder geoordeeld, zie bijvoorbeeld zijn uitspraken van 19 mei 2009, LJN BI6036 en 4 mei 2010, LJN BM7617, dat het in zaken, waarin intrekking, herziening en terugvordering van bijstand aan de orde zijn, niet gaat om een strafrechtelijke procedure, zodat de beschermende werking van artikel 6, derde lid, van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) zich niet tot de betrokkene uitstrekt. De Raad ziet geen aanleiding hierover anders te oordelen in zaken als deze, waarin het gaat om intrekking en herziening van een nabestaandenuitkering en ouderdomspensioen. Voor zover het betoog van appellante erop neerkomt dat vanwege schending van artikel 6, derde lid, van het EVRM in de strafrechtelijke procedure, het mede daardoor verkregen bewijs niet door de Svb in deze procedure kan worden benut, wijst de Raad op zijn vaste rechtspraak, waaruit volgt dat dit slechts het geval is indien bewijs is verkregen op een wijze die zozeer indruist tegen wat van een behoorlijk handelende overheid mag worden verwacht dat dit gebruik onder alle omstandigheden ontoelaatbaar moet worden geacht. Er is geen sprake van dat de verklaring van appellante op een dergelijke wijze is verkregen. In wat is aangevoerd ziet de Raad geen aanleiding in het geval van appellante anders te oordelen over het gebruik van de door haar afgelegde verklaring.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5dfd6d49511f851b1f08bb577bec40a68966d5fb0d1533c306efb8a75a6db30d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5dfd6d49511f851b1f08bb577bec40a68966d5fb0d1533c306efb8a75a6db30d, en de alinea staat in dat document op bytes 8910 tot 10924.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5dfd6d49511f851b1f08bb577bec40a68966d5fb0d1533c306efb8a75a6db30d | shasum -a 256