Citaat | Centrale Raad van Beroep 5 juni 2012
Alinea 32 Centrale Raad van Beroep 5 juni 2012
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 5 juni 2012, ECLI:NL:CRVB:2012:BW8071.
4.5. Vaststaat dat appellant in de periode na de melding op 15 september 2008 tot en met de beslissing op 29 september 2008 geen aanvraag heeft ingediend. Hij heeft het aan hem op 15 september 2008 verstrekte aanvraagformulier niet ingevuld en ingeleverd en ook anderszins geen aanvraag ingediend. Het beroep van appellant op artikel 43, eerste lid, van de WWB slaagt niet, nu geen grond bestaat voor het oordeel dat een schriftelijke aanvraag voor hem onmogelijk was. Voor zover hij moeite had met het invullen van het aanvraagformulier, had hij de hulp van de CWI dan wel een derde kunnen inroepen. Dat appellant dit heeft nagelaten, komt voor zijn rekening en risico. Anders dan appellant kennelijk meent, bestond voor de CWI geen verplichting om uit eigen beweging de aanvrager te helpen bij het invullen van het aanvraagformulier en de aanvrager het aanvraagformulier te laten ondertekenen. Uit artikel 44, tweede lid, van de WWB vloeit voort dat de CWI verplicht is de belanghebbende in staat te stellen zijn aanvraag in te dienen. Aan die verplichting is in beginsel voldaan met het verstrekken van het daarvoor bestemde aanvraagformulier.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/993072090dbafd1b3ec89933e0645ffd51ea1d4a367f6fdbe021cc5b3da611eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 993072090dbafd1b3ec89933e0645ffd51ea1d4a367f6fdbe021cc5b3da611eb, en de alinea staat in dat document op bytes 12544 tot 13704.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/993072090dbafd1b3ec89933e0645ffd51ea1d4a367f6fdbe021cc5b3da611eb | shasum -a 256