Citaat | Centrale Raad van Beroep 23 juli 2013
Onder 4.11. Centrale Raad van Beroep 23 juli 2013
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 23 juli 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:1104.
Aansluitend moet worden bezien welk gevolg aan deze uitkomst wordt gegeven. De rechtsgevolgen van het bestreden besluit 2, voor zover dat ziet op de terugvordering van de onverschuldigd betaalde bijstand, kunnen op grond van de volgende overweging in stand worden gelaten. Nu appellanten na het primaire besluit 1 redelijkerwijs hadden kunnen begrijpen dat de aan hen betaalde bijstand, voor zover daarop niet maandelijks een bedrag van € 997,77 was ingehouden, onverschuldigd was betaald, was het college bevoegd om met toepassing van artikel 58, eerste lid, aanhef en onder e, van de WWB de kosten van bijstand over de periode van 1 april 2011 tot en met 30 juni 2011 tot een bedrag van € 2.943,42 van appellanten terug te vorderen. Geen grond bestaat voor het oordeel dat het college niet in redelijkheid van deze bevoegdheid gebruik zou mogen maken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/95fdd4512864bacf0d74a04e5be79be8a2d3150815a87319363623aeea31b337. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 95fdd4512864bacf0d74a04e5be79be8a2d3150815a87319363623aeea31b337, en de alinea staat in dat document op bytes 15053 tot 15952.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/95fdd4512864bacf0d74a04e5be79be8a2d3150815a87319363623aeea31b337 | shasum -a 256