Citaat | Centrale Raad van Beroep 12 maart 2013
Alinea 39 Centrale Raad van Beroep 12 maart 2013
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 12 maart 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:BZ4068.
4.14. Anders dan appellante betoogt, doet wat getuigen tijdens de hoorzitting, de zitting bij de rechtbank en ten overstaan van de rechter-commissaris in de strafzaak hebben verklaard, geen afbreuk aan het beeld dat uit de onderzoeksresultaten is ontstaan. Dat getuigen [G.] tijdens hun bezoeken aan appellante niet op het uitkeringsadres hebben aantroffen, wil nog niet zeggen dat geen sprake was van gezamenlijk hoofdverblijf.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5affe83f6d5fcd82f3db5cdb8ed129c4f4bee9fdbc77e53f2696ceca1c131e7c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5affe83f6d5fcd82f3db5cdb8ed129c4f4bee9fdbc77e53f2696ceca1c131e7c, en de alinea staat in dat document op bytes 20089 tot 20531.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5affe83f6d5fcd82f3db5cdb8ed129c4f4bee9fdbc77e53f2696ceca1c131e7c | shasum -a 256