Citaat | Centrale Raad van Beroep 3 april 2013

Alinea 26 Centrale Raad van Beroep 3 april 2013

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 3 april 2013, ECLI:NL:CRVB:2013:BZ6621.

3.3. Appellante heeft tevens aangevoerd dat in haar geval zowel in de bezwaar- als in de beroepsfase de redelijke termijn van artikel 6 van het EVRM is overschreden. Appellante heeft de Raad verzocht om vergoeding van immateriële schade wegens spanning en frustratie door de overschrijding van de redelijke termijn en om daarnaast de boete te verminderen tot nihil dan wel een zodanig bedrag als de Raad in goede justitie zal vermenen te behoren.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e87da9c10bcaa79ab0a8f16908a0ff9afd5a15523fa3a6668ce1b87923da28be. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e87da9c10bcaa79ab0a8f16908a0ff9afd5a15523fa3a6668ce1b87923da28be, en de alinea staat in dat document op bytes 10317 tot 10778.