Citaat | Centrale Raad van Beroep 27 mei 2014
Onder 4.6.5. Centrale Raad van Beroep 27 mei 2014
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 27 mei 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:1900.
In gevallen als onder 4.5.3 bedoeld zal meestal vanwege die situatie niet gevergd kunnen worden dat de aanvrager voor de gehele periode en voor de volle omvang bewijs levert als onder 4.6.4 bedoeld, voor het feit dat hij kosten van levensonderhoud heeft gemaakt waarin nog niet voorzien is en tot welk bedrag precies, terwijl de aanvrager wel aannemelijk heeft gemaakt dat hij in die periode verkeerde in bijstandbehoevende omstandigheden. In die situatie zal het bijstandverlenend orgaan aan hand van de onder 4.6.1 bedoelde gegevens en zijn onder 4.6.2 bedoelde onderzoek schattenderwijs dienen te bepalen wat de omvang is van de kosten van levensonderhoud die de aanvrager in de achteraf te beoordelen periode heeft gemaakt, en waarin in ieder geval nog niet voorzien is, en niet kunnen volstaan met de beslissing dat het recht op bijstand van de aanvrager niet (precies) is vast te stellen als gevolg van niet of niet volledig nakomen van zijn inlichtingenverplichting.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8e8db878b98987c5d3a78a1ee5ebf59e74befee1c639e9e1e7491d3ee16f453f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8e8db878b98987c5d3a78a1ee5ebf59e74befee1c639e9e1e7491d3ee16f453f, en de alinea staat in dat document op bytes 18311 tot 19298.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8e8db878b98987c5d3a78a1ee5ebf59e74befee1c639e9e1e7491d3ee16f453f | shasum -a 256