Citaat | Centrale Raad van Beroep 28 januari 2014

Onder 4.5.2. Centrale Raad van Beroep 28 januari 2014

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 28 januari 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:205.

Appellante heeft aangevoerd dat deze verklaringen onvoldoende feitelijke grondslag bieden voor de conclusie dat G in de te beoordelen periode zijn hoofdverblijf had op het uitkeringsadres. Zij wijst er in dit verband op dat zij niet heeft verklaard dat G drie à vier keer per week bij haar sliep. Indien wordt aangenomen dat zij dit wel zo heeft bedoeld, dan is dat volgens appellante ook niet voldoende om die conclusie te kunnen trekken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d3c7e10a3fac0925940b85354a9aa6ec64581cb8cfae5673d2c54eaef143a062. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d3c7e10a3fac0925940b85354a9aa6ec64581cb8cfae5673d2c54eaef143a062, en de alinea staat in dat document op bytes 10968 tot 11421.