Citaat | Centrale Raad van Beroep 14 oktober 2014

Onder 1.10. Centrale Raad van Beroep 14 oktober 2014

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 14 oktober 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:3404.

3. Appellant heeft zich tegen de aangevallen uitspraak gekeerd. Het betoog van appellant komt er - zo begrijpt de Raad - op neer dat appellant zich reeds eerder dan 23 april 2013 heeft gemeld om een aanvraag om bijstand in te dienen. Appellant is op 2 juli 2012 bij het college langs geweest maar ten onrechte niet in staat gesteld een aanvraag om bijstand in te dienen. Verder heeft appellant zich middels de e-mailberichten van mr. Van Asperen gemeld voor het indienen van een aanvraag om bijstand, zodat appellant met ingang van respectievelijk 11 juli 2012 en 2 november 2012 bijstand heeft aangevraagd. Ten slotte heeft appellant aangevoerd dat de herstelverzuimbrieven die het college bij brieven van 24 april 2013 en 21 mei 2013 aan appellant heeft verzonden, ten onrechte niet aan mr. Van Asperen zijn verzonden. Daarmee kan de buitenbehandelingstelling van de aanvraag om bijstand niet in stand blijven en dient aan appellant met ingang van eerder genoemde data bijstand te worden toegekend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/833ecbcfb6df676cb8665ba86844d9d2f7b577012900e503fb9778f9ffae9c91. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 833ecbcfb6df676cb8665ba86844d9d2f7b577012900e503fb9778f9ffae9c91, en de alinea staat in dat document op bytes 12491 tot 13504.