Citaat | Centrale Raad van Beroep 12 december 2014

Onder 4.2. Centrale Raad van Beroep 12 december 2014

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 12 december 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:4180.

Volgens constante rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) is een verschil in behandeling voor de toepassing van artikel 14 van het EVRM discriminerend als het niet objectief gerechtvaardigd is, dat wil zeggen als met het onderscheid geen gerechtvaardigd doel wordt nagestreefd of als de gehanteerde middelen niet in een redelijke proportionaliteitsrelatie staan tot het nagestreefde doel. De verdragsstaten beschikken over een zekere beoordelingsmarge bij de vaststelling of en in welke mate verschillen in overigens gelijksoortige situaties een verschil in behandeling rechtvaardigen. De omvang van deze beoordelingsmarge is primair afhankelijk van de aard van het gemaakte onderscheid. Het onderscheid naar woonplaats is geen “verdacht” onderscheid, zodat ten aanzien van een dergelijk onderscheid de verdragsstaat een ruime “margin of appreciation” toekomt. Dit temeer waar het in dit geval gaat om een maatregel op het terrein van de sociale zekerheid.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ba0e1fbf770e269855635db5b6082c415f6d6ce6654bf18f4427e34c604d1e92. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ba0e1fbf770e269855635db5b6082c415f6d6ce6654bf18f4427e34c604d1e92, en de alinea staat in dat document op bytes 12431 tot 13437.