Citaat | Centrale Raad van Beroep 19 mei 2015
Onder 3.4. Centrale Raad van Beroep 19 mei 2015
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 19 mei 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:1709.
Aan besluit 7, waarbij aan appellant ontslag op grond van artikel 8:8 van de CAR/GUWO is verleend, is een veelheid van gedragingen en incidenten ten grondslag gelegd. De Raad ziet met het college in al die gebeurtenissen een rode draad van eigenmachtig optreden door appellant en het door hem niet willen erkennen van het gezag van hoger geplaatsten, en dan met name dat van zijn direct leidinggevende J. De Raad volgt het college ook in zijn standpunt dat deze opstelling aan de zijde van appellant dusdanige vormen heeft aangenomen dat deze een onomkeerbare belemmering voor een verdere vruchtbare samenwerking is gaan vormen. Hierbij valt behalve aan de onder 3.2.1 besproken gang van zaken rondom de auto van appellant, ook te denken aan zaken als het bij herhaling weigeren om Evaluatie/IWP- en beoordelingsformulieren, al was het maar voor gezien, te ondertekenen, de opstelling van appellant ten aanzien van en tijdens werkoverleggen, het ook na herhaalde verzoeken niet verschaffen van duidelijkheid over voorgenomen verlof en de gang van zaken rondom de overname van werkzaamheden van een collega. De bedoelde belemmering staat los van de vraag wie van beide partijen ten aanzien van elk van de afzonderlijke details waarop de bedoelde gebeurtenissen betrekking hadden, nu precies het gelijk aan zijn zijde had. Doorslaggevend is niet dat gelijk op detailpunten, maar de houding en het gedrag van appellant. In dat verband mag niet onvermeld blijven de, ook in het ontslagbesluit uitdrukkelijk genoemde, wijze waarop appellant zich heeft uitgelaten in e-mailberichten en, blijkens de desbetreffende gespreksverslagen, ook in mondelinge contacten. Appellant heeft zich daarin regelmatig bediend van een autoritaire en neerbuigende toonzetting die bepaald ongepast is te achten. Dat appellant zich ter zitting van de Raad heeft gepermitteerd om leidinggevende J een rotte appel binnen de organisatie te noemen bevestigt nog eens dat van een definitieve en onomkeerbare verstoring van de verhoudingen sprake is. Dat wordt niet anders doordat appellant naar zijn zeggen met eerdere leidinggevenden nooit problemen heeft ondervonden, noch door de door appellant genoemde verwikkelingen tussen de dienstleiding en enkele van zijn collega’s.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cb2ce4a90f4344808774ebd00bb95eca184ea0f0df90485e1618436565da3a97. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cb2ce4a90f4344808774ebd00bb95eca184ea0f0df90485e1618436565da3a97, en de alinea staat in dat document op bytes 23101 tot 25361.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cb2ce4a90f4344808774ebd00bb95eca184ea0f0df90485e1618436565da3a97 | shasum -a 256