Citaat | Centrale Raad van Beroep 23 juni 2015

Onder 5.22.1. Centrale Raad van Beroep 23 juni 2015

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 23 juni 2015, ECLI:NL:CRVB:2015:1801.

Appellanten hebben in periode 2 elke maand een rechtmatigheidsformulier WWB (formulier) ingevuld. Op deze formulieren hebben zij bij de vraag of in de betreffende maand sprake was van werk het vakje “nee” aangekruist. Appellanten hebben niet aannemelijk gemaakt dat zij in de periode vanaf 1 januari 2013 op enige andere wijze het college hebben geïnformeerd over hun werkzaamheden in het bedrijf. Vraag 3 op het formulier luidt: “Is er in deze periode sprake van werk?” Deze vraagstelling laat er geen misverstand over bestaan dat niet alleen opgave gedaan moet worden van arbeid in loondienst, maar ook van andersoortige arbeid, zoals werk als zelfstandige. Zo wordt op het formulier ook gevraagd naar vrijwilligerswerk. Daarbij is aangegeven dat de ondertekening ervan betekent dat de betrokkene de gevraagde gegevens naar waarheid heeft verstrekt en kennis heeft genomen van de op de achterzijde vermelde informatie. In de toelichting op de achterzijde van het formulier wordt erop gewezen dat het onjuist verstrekken van gegevens kan leiden tot een boete of strafvervolging. Appellant heeft tegenover de sociale recherche verklaard dat hij weet dat werkzaamheden en inkomsten aan het college moeten worden opgegeven en dat dit kan op de formulieren die hij iedere maand moet invullen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e1a60b2df3fb234893cee2ebc58e55ea1ea7b18df5b0e0a6a490fcab9c3675d7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e1a60b2df3fb234893cee2ebc58e55ea1ea7b18df5b0e0a6a490fcab9c3675d7, en de alinea staat in dat document op bytes 53085 tot 54397.