Citaat | Centrale Raad van Beroep 11 januari 2016

Onder 5.11. Centrale Raad van Beroep 11 januari 2016

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 11 januari 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:12.

6. Het kunnen beschikken over bankrekeningen en het daarop staande saldo boven de grens van het vrij te laten vermogen zijn feiten als bedoeld in artikel 17, eerste lid, van de WWB. Appellanten hebben pas nadat het college naar aanleiding van een signaal van de Belastingdienst op 26 april 2013 om gegevens had verzocht van het bestaan van die bankrekeningen melding gemaakt. Zoals in 4.6 is overwogen hebben appellanten daarmee de inlichtingenverplichting geschonden. Als gevolg van het niet nakomen van deze verplichting in de periode van 27 december 2012 tot en met 2 juni 2013 hebben appellanten een bedrag van € 6.913,55 teveel aan bijstand ontvangen. Appellanten hebben aangevoerd dat de boete niet in verhouding staat tot de ernst van de gedraging en betwisten dat sprake is van verwijtbaarheid. Gelet op de omstandigheid dat uit de afschriften van de verzwegen bankrekening 2 is gebleken dat in de periode van 27 december 2012 tot en met 2 januari 2013 van die bankrekening een bedrag van € 22.000,- contant is opgenomen, en in aanmerking genomen dat appellanten zich op 27 december 2012 hebben gemeld voor bijstand en de aanvraag op 4 januari 2013 hebben ondertekend en ingediend, is bij appellanten sprake geweest van een dermate grote, aan opzet grenzende, mate van nalatigheid in het niet-melden van die feiten, dat hen grove schuld kan worden verweten. Appellanten hebben nog aangevoerd dat rekening moet worden gehouden met hun persoonlijke omstandigheden. Na de beëindiging van de arbeidsongeschiktheidsuitkering van appellant hebben appellanten aanvankelijk geleefd van hun eigen middelen en is appellant vervolgens gaan gokken, omdat hij zo hoopte aan meer geld te komen. Anders dan appellanten menen, is niet gebleken dat zij als gevolg van de gokproblemen van appellant niet in staat waren om melding te maken van de bankrekeningen die zij op hun naam hadden staan. Daarom treft de grond dat sprake is van verminderde verwijtbaarheid geen doel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/088bacffb4f286931994580b77fbfbc8a30649f62cd7fa8c0e17378e2fbd8c7f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 088bacffb4f286931994580b77fbfbc8a30649f62cd7fa8c0e17378e2fbd8c7f, en de alinea staat in dat document op bytes 30480 tot 32461.