Citaat | Centrale Raad van Beroep 1 juni 2016

Onder 6.5. Centrale Raad van Beroep 1 juni 2016

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 1 juni 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:1877.

De Raad is van oordeel dat een vermoeden als hier aan de orde in beginsel kan worden aanvaard. Het begrip wonen houdt een zekere duurzaamheid in en het vermoeden is gerechtvaardigd dat de tijdens de controle aangetroffen situatie niet wezenlijk verschilt van de situatie in een ruime periode voor de controle. Het is echter de vraag tot hoe ver in het verleden een dergelijk vermoeden kan worden aanvaard. Het bepaalde in artikel 6, tweede lid, van het EVRM brengt mee dat de studerende een redelijke mogelijkheid moet hebben zich daartegen te verweren en dat geen sprake mag zijn van omkering van de bewijslast. In gevallen als de onderhavige worden de uitkomsten van de in 6.3 omschreven controle door het vermoeden geëxtrapoleerd naar het verleden tot aan de laatste adreswijziging van de studerende in de brp, dan wel, indien deze adreswijziging heeft plaatsgevonden voor de inwerkingtreding van de huidige regeling op 1 januari 2012, tot aan de datum van deze inwerkingtreding. Deze regeling heeft tot gevolg dat de boetes die de Raad nu beoordeelt veelal zijn gebaseerd op een vermoeden dat veel langer terugwerkt dan het geval was bij de boetes die de Raad in 2014 heeft beoordeeld in de uitspraken van 7 mei 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:1547, en 27 augustus 2014, ECLI:NL:CRVB:2014:2862.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0a472c030e5289dc399925e3deca00d5918e5c27d4fb387040379f110e55bdb9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0a472c030e5289dc399925e3deca00d5918e5c27d4fb387040379f110e55bdb9, en de alinea staat in dat document op bytes 23330 tot 24635.