Citaat | Centrale Raad van Beroep 1 juni 2016

Onder 6.2. Centrale Raad van Beroep 1 juni 2016

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 1 juni 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:1878.

Bij de beantwoording van de vraag of de minister het bewijs van een beboetbaar feit heeft geleverd, dienen de waarborgen in acht te worden genomen die een belanghebbende kan ontlenen aan artikel 6, tweede lid, van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Dit brengt mee dat in het geval er twijfel bestaat over het antwoord op de vraag of door de studerende is gehandeld in strijd met artikel 1.5, eerste lid, van de Wsf 2000, de studerende het voordeel van de twijfel moet worden gegund.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2b077ef5bb6a0224d6ad6527d3b07a1a3b3923ade6fdcbbb689f62ae7ee9b4cf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2b077ef5bb6a0224d6ad6527d3b07a1a3b3923ade6fdcbbb689f62ae7ee9b4cf, en de alinea staat in dat document op bytes 19349 tot 19913.