Citaat | Centrale Raad van Beroep 18 juli 2016

Onder 3.2. Centrale Raad van Beroep 18 juli 2016

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 18 juli 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:2502.

De Svb heeft in het incidenteel hoger beroep aangevoerd dat de rechtbank ten onrechte – impliciet – heeft geoordeeld dat met de verhoging van de AOW-leeftijd een inbreuk is gemaakt op het eigendomsrecht van appellant. Volgens de Svb voldeed appellant ten tijde van de wetswijzigingen niet aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor een AOW-pensioen, zodat hij geen (bestaand) recht had op een pensioen vanaf zijn 65ste verjaardag en daarom dit recht hem dan ook niet kan zijn ontnomen. De enkele verwachting van appellant dat hij in de toekomst recht zou kunnen krijgen op AOW is onvoldoende om te spreken van een eigendomsrecht. Dat geruime tijd in de AOW de pensioengerechtigde leeftijd was vastgelegd op 65 jaar, maakt op zich nog niet dat sprake is van een gerechtvaardigde verwachting dat dit ook altijd zo zou blijven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a61e28381189bc88c84fb25ec821b348b2d13513de1cd7d60c40cf17facaf993. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a61e28381189bc88c84fb25ec821b348b2d13513de1cd7d60c40cf17facaf993, en de alinea staat in dat document op bytes 11851 tot 12726.