Citaat | Centrale Raad van Beroep 18 juli 2016

Onder 4.2.12. Centrale Raad van Beroep 18 juli 2016

Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 18 juli 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:2503.

Door de verhoging van de aanvangsleeftijd van appellant, ten tijde in geding met 15 maanden, waardoor het begin van de pensioenopbouw van appellant navenant is opgeschoven, is aan de voorkant van de pensioenopbouw een inbreuk gemaakt op zijn eigendomsrecht. Of deze verhoging van de aanvangsleeftijd voor appellant tot een onevenredig zware last leidt, kan echter pas worden bezien in het kader van de besluitvorming die betrekking heeft op de toekenning van het AOW-pensioen en de ingangsdatum van dat pensioen. Pas op dat moment kan de hoogte van de eventuele schade worden vastgesteld. Enig individueel feitenonderzoek ten tijde van het bestreden besluit en ook nu, kan nog niet leiden tot het oordeel dat appellant ten tijde van zijn pensioengerechtigde leeftijd, die ook nu nog niet vaststaat, een onevenredig zware last zal hebben te dragen als gevolg van de verhoging van de aanvangsleeftijd in de AOW. Hierbij wordt tevens in aanmerking genomen dat appellant nog enige jaren heeft om zich op de (gewijzigde) ingangsdatum van zijn AOW-pensioen in te stellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e1d17c153565125b08a830486e220adf5d84b2370b87123c32d70d4f249ba9e3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e1d17c153565125b08a830486e220adf5d84b2370b87123c32d70d4f249ba9e3, en de alinea staat in dat document op bytes 24868 tot 25972.