Citaat | Centrale Raad van Beroep 13 juli 2016
Onder 1.2. Centrale Raad van Beroep 13 juli 2016
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 13 juli 2016, ECLI:NL:CRVB:2016:2645.
Met een brief van 6 juni 2012 heeft appellante aan werknemer kenbaar gemaakt dat zij met gebruikmaking van het eenzijdige wijzigingsbeding een bepaling aan de arbeidsovereenkomst toevoegt. Deze bepaling, aangeduid als artikel 2.1a, luidt: “Op deze overeenkomst is de ABU-CAO van toepassing en dient als geïncorporeerd in de overeenkomst beschouwd te worden.”. Als reden voor de toevoeging heeft appellante gegeven dat de algemeenverbindendverklaring, tot stand gekomen op verzoek van de Algemene Bond van Uitzendondernemingen (ABU), van de collectieve arbeidsovereenkomst voor uitzendkrachten (ABU-CAO) per 1 april 2012 is geëindigd. Appellante heeft in haar brief aan werknemer toegelicht dat het beding geen negatieve gevolgen voor hem heeft, omdat appellante de ABU-CAO al volgde en daarvan op onderdelen in positieve zin afweek. Werknemer heeft de brief van 6 juni 2012 voor akkoord getekend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e44467cb256892eeeba9ae8cafe5658071632bf9962ae0d347a2f81a28dd199e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e44467cb256892eeeba9ae8cafe5658071632bf9962ae0d347a2f81a28dd199e, en de alinea staat in dat document op bytes 7408 tot 8323.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e44467cb256892eeeba9ae8cafe5658071632bf9962ae0d347a2f81a28dd199e | shasum -a 256