Citaat | Centrale Raad van Beroep 31 mei 2017
Onder 4.6. Centrale Raad van Beroep 31 mei 2017
Een alinea uit Centrale Raad van Beroep 31 mei 2017, ECLI:NL:CRVB:2017:2038.
Zoals de rechtbank terecht heeft overwogen, betreft de situatie in het arrest van de Hoge Raad van 4 juni 2004 (ECLI:NL:HR:2004:AO5665) een geheel andere. Het ging hier om een gewezen militair, die met ingang van de dag waarop zijn ontslag is ingegaan recht heeft op een maandelijkse uitkering, terwijl uit de tekst van de wet niet blijkt dat daartoe aan nadere voorwaarden moet zijn voldaan. Uit 4.5 volgt dat die situatie hier niet aan de orde is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cdc61dbc7c470748b0780624b115b55069d747e40959c5aa01e4e9fac8792b2a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cdc61dbc7c470748b0780624b115b55069d747e40959c5aa01e4e9fac8792b2a, en de alinea staat in dat document op bytes 15743 tot 16206.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cdc61dbc7c470748b0780624b115b55069d747e40959c5aa01e4e9fac8792b2a | shasum -a 256